Het is vermoeiend om met tegenwind vooruit te komen.
En die wind kan ook nog koud en kil zijn.
Het lijkt alsof in onze Wijk Oost, maar óók in Zuid die tegenwind waait.
Rondom ervaren we een kille, koude, vlaag van kanker en tumoren.
Longen lijf en brein worden aangetast.
Chemokuren, bestralingen en operaties worden aangewend om de tumor te bestrijden.
‘Ons lichaam is een tempel’ zo leerden we, maar de afbraak daarvan is soms niet te stuiten.
Dan komt het levenseinde naderbij.
Gebeden stijgen op tot God de Vader.
Onze Vader die …..
We bidden om troost en vertrouwen, om verlichting van lijden.
Uw wil geschiede.
De kloof tussen geloven en de werkelijkheid lijkt onoverbrugbaar.
Twijfel.
Er op vertrouwen dat het “goed” komt is aangetast.
Een verzorgende - in gesprek met een ernstig zieke - verwoordde het eens zo:
‘Jullie hebben dan tóch maar het geloof, ik niet’,
maar daarmee eigenlijk zei dat ‘niet geloven’ een gemis is.
Tjeerd Rijpma

Ga naar boven